Armaturen binnen 5 werkdagen, masten 3 tot 5 weken · Gratis verzending vanaf € 200 excl. btwUitsluitend zakelijke verkoop, prijzen excl. btw · CE-gecertificeerd, tot 10 jaar garantie
LICHTPLEIN
Rekenvoorbeelden · 2 oktober 2026 · 4 min leestijd

Rekenvoorbeeld: kantoorvloer van 600 m² met lichtlijnen

Een open kantoor van 30 bij 20 meter, 500 lux op het bureau en UGR 19: hoeveel lichtlijnen heeft u nodig, in welk patroon en op welke dipswitch-stand? Een fictief maar realistisch rekenvoorbeeld met de lijnarmaturen van LINEA.

Uitgangspunten van het voorbeeld

Het voorbeeld is fictief, de getallen zijn realistisch. Een kantoortuin van 30 bij 20 meter, dus 600 m², met een wit systeemplafond op 3,0 m, lichte wanden en een donkere vloer (reflecties 0,7 / 0,5 / 0,2). Langs één lange zijde zit een glasgevel. Er staan 48 werkplekken in rijen parallel aan de lange zijde.

De eisen volgen uit NEN-EN 12464-1 voor schrijven, lezen en beeldschermwerk: 500 lux onderhouden op het werkvlak van 0,75 m, UGR 19, gelijkmatigheid Uo 0,60 en Ra 80. Als armatuur kiezen we de lijnarmatuur van LINEA: 24, 32 of 40 W per module via dipswitch, 120 lm/W, 4000 K, Ra > 80, in wit. We hangen de lijnen als pendel 0,4 m onder het plafond, zonder uplight-module. Een module is 1.208 mm lang; voor het patroon rekenen we met 1,2 m per module. Controleer de maat en de koppelstukken op de productpagina voordat u de stuklijst definitief maakt.

Stap 1: van lux naar lumen

De lumenmethode begint bij het werkvlak: 600 m² × 500 lux = 300.000 lumen die op de bureaus moeten aankomen. Niet alle lichtstroom komt daar terecht en de installatie veroudert. Daarom deelt u door twee factoren: de benuttingsfactor en de behoudfactor.

De benuttingsfactor hangt af van de ruimte-index en de reflecties. Deze ruimte is groot en laag (1,85 m tussen armatuur en werkvlak), met een licht plafond; voor een direct stralende lichtlijn is 0,65 dan een realistische waarde. De behoudfactor zetten we op 0,8: een schoon kantoor met een reinigingsinterval van twee jaar.

Benodigde geïnstalleerde lichtstroom: 300.000 / (0,65 × 0,8) = 300.000 / 0,52 ≈ 577.000 lumen. Een LINEA-module levert bij 120 lm/W circa 2.900 lumen op 24 W, 3.800 lumen op 32 W en 4.800 lumen op 40 W. Ondergrens: 121 modules op 40 W of 152 op 32 W.

Stap 2: aantallen en patroon

De lijnen lopen in de lengterichting, parallel aan de gevel en aan de kijkrichting van de medewerkers. Een lijn van 24 modules is 29,0 m lang en laat aan beide kopse wanden 0,5 m vrij. Dat levert twee varianten op:

  • Variant A, 6 lijnen van 24 modules op 40 W: 144 modules, 691.200 lumen geïnstalleerd, circa 600 lux op het werkvlak. Lijnafstand 3,33 m, eerste lijn op 1,67 m van de gevel.
  • Variant B, 7 lijnen van 24 modules op 32 W: 168 modules, 638.400 lumen, circa 553 lux. Lijnafstand 2,86 m, eerste lijn op 1,43 m van de gevel.

Variant A heeft 24 modules minder en bijna 20 procent marge, maar de lijnafstand van 3,33 m is 1,8 keer de hoogte boven het werkvlak. Voor een direct stralende lichtlijn is circa 1,5 keer die hoogte een gangbare vuistregel; daarboven zakt de verlichtingssterkte tussen de lijnen te ver weg voor Uo 0,60. Variant B blijft met 2,86 m binnen die vuistregel, houdt ruim 10 procent marge en heeft een stand over: op 40 W geeft dezelfde installatie circa 700 lux, mocht de opdrachtgever later meer licht op het werkvlak willen. In dit voorbeeld kiezen we variant B.

Stap 3: dipswitch-stand en energie

U stelt het vermogen in vóór montage, met de spanning eraf, en noteert de stand per ruimte in het opleverdossier. Voor de kantoortuin is dat stand 32 W. Dezelfde module gaat op 24 W naar de aangrenzende gang en pantry, waar 100 tot 200 lux volstaat, zodat u één artikel voor de hele verdieping bestelt.

Het aangesloten vermogen van variant B is 168 × 32 W = 5.376 W, ofwel 9,0 W/m². Variant A komt op 144 × 40 W = 5.760 W en 9,6 W/m². Bij 2.500 branduren per jaar is dat 13.440 tegenover 14.400 kWh: variant B verbruikt ondanks de extra modules bijna 1.000 kWh per jaar minder, omdat hij dichter bij de 500 lux zit en niet ruim erboven.

Verblinding, wanden en de controle in de lichtberekening

De UGR<21 van LINEA is een tabelwaarde voor een referentieruimte. In dit kantoor spelen drie dingen in uw voordeel: de lijnen lopen parallel aan de kijkrichting, het plafond is wit en de lijnen hangen naast de bureaus, niet recht boven de beeldschermen. Of de berekende UGR per werkplek op 19 of lager uitkomt, moet de lichtberekening laten zien; hetzelfde geldt voor de 75 lux op de wanden en 50 lux op het plafond die de norm voor kantoren vraagt.

Komt het plafond in de berekening te donker uit, dan is de indirecte uplight-module van LINEA de oplossing. Reken dan wel opnieuw: een deel van de lichtstroom gaat omhoog en de benuttingsfactor daalt, zodat u modules toevoegt of een stand hoger gaat. Voor 350 euro excl. btw ontvangt u lux, UGR en gelijkmatigheid per ruimte plus een stuklijst.

Stuklijst en elektrische groepen

De bestelling voor variant B bestaat uit:

  • 168 lijnarmatuur-modules LINEA 24-40 W, wit, dipswitch op 32 W
  • 7 voedingspunten, één per lijn, met pendelophanging en koppelstukken volgens de productpagina
  • optioneel uplight-modules, alleen als de berekening daarom vraagt
  • extra modules op 24 W voor gang en pantry, apart uitgeteld

Met 168 stuks van één artikel zit u boven de grens van 100 stuks waarvoor Lichtplein een projectprijs rekent; vraag die aan via de offerteaanvraag. Armaturen leveren we uit Europese voorraad binnen 5 werkdagen, met 5 jaar garantie.

Dimensioneer de eindgroepen op de hoogste stand, ook als u op 32 W oplevert: 24 × 40 W = 960 W per lijn, 6.720 W voor zeven lijnen, bij 230 V ongeveer 29 A. Dat zijn minimaal twee groepen van 16 A; neem er vier, zodat de gevellijnen bij daglicht apart uit kunnen. Houd bij de keuze van de automaten rekening met de inschakelstroom van de drivers.

Veelgestelde vragen

Waarom een behoudfactor van 0,8 en niet hoger?

0,8 dekt de afname van de lichtstroom over de levensduur en de vervuiling in een schoon kantoor bij een reinigingsinterval van twee jaar. In een stoffige omgeving of zonder reiniging rekent u met 0,7 en heeft u meer modules nodig.

Kan ik met vijf lijnen volstaan?

Vijf lijnen van 24 modules op 40 W geven rekenkundig circa 499 lux en een lijnafstand van 4,0 m. Dat is net te weinig voor 500 lux en veel te wijd voor Uo 0,60 bij 1,85 m hoogte boven het werkvlak: tussen de lijnen en langs de gevel zakt de verlichtingssterkte te ver weg.

Wat verandert er bij een donker plafond of een open plafond met zichtbare installatie?

De benuttingsfactor zakt naar circa 0,5. Dan heeft u in dit voorbeeld ongeveer 750.000 lumen nodig. Variant B op 32 W komt dan op circa 425 lux; zet u de stand op 40 W, dan haalt dezelfde installatie circa 540 lux en hoeft u geen lijn toe te voegen. Een uplight-module heeft bij een donker plafond geen zin.

Geldt de projectprijs ook bij 168 modules?

Ja. Vanaf 100 stuks van één artikel rekent Lichtplein een projectprijs. Zet de aantallen in uw offerteaanvraag en u ontvangt een voorstel. Lichtplein levert uitsluitend aan bedrijven.

Hoe meet ik na oplevering of de 500 lux er staat?

Meet met een luxmeter op 0,75 m hoogte in een raster van 2 bij 2 m, met daglicht buitengesloten en de armaturen minimaal een uur aan. Direct na montage ligt de waarde hoger, in dit voorbeeld rond 690 lux, omdat de behoudfactor van 0,8 pas na jaren bereikt wordt. De laagste waarde moet voor Uo 0,60 minimaal 60 procent van het gemiddelde zijn.

Bekijk de lijnarmaturen van LINEA en zet uw aantallen in de offerteaanvraag, of stuur uw eigen plattegrond voor een lichtberekening met lux, UGR en stuklijst. Lichtplein levert uitsluitend aan bedrijven.